Geestelijk
Hooglied
"Waar houdt ge U verborgen, Beminde, en laat me in zuchten achter?"
De Mystieke Dialoog
Johannes van het Kruis schreef dit gedicht in 1577-78 tijdens zijn gevangenschap. Het beschrijft de reis van de ziel naar de mystieke vereniging met het Goddelijke, verbeeld als de liefde tussen Bruid en Bruidegom.
De Reis van de Ziel
Van zoeken naar vinden, van verlangen naar vereniging
Klik om de verzen te lezen
De Zoektocht
De ziel zoekt naar de Beminde die zich verborgen houdt. Door bergen en dalen, voorbij alle obstakels, gedreven door een onlesbare dorst.
De Ontmoeting
De Bruidegom antwoordt. Er volgt een wonderlijke ontmoeting waarin de ziel zich volledig overgeeft en haar oude leven achter zich laat.
De Vereniging
Bruid en Bruidegom zijn verenigd. In wederzijdse contemplatie ontdekken zij elkaars schoonheid en worden zij onder de appelboom als bruid en bruidegom verbonden.
De Heilige Rust
In de eenzaamheid van de mystieke vereniging vindt de ziel haar uiteindelijke rust. Alle gevaren zijn geweken, alle angsten verdwenen.